The cobbler's song

Tijdens de eerste wereldoorlog bestond er in Londen een grote behoefte aan pretentieloos vermaak. De musical 'Chu Chin Chow', een navertelling van het verhaal van Ali Baba en de veertig rovers, voorzag daarin. De musical werd een groot succes en de ballade van de schoenlapper, die VieuxTemps uitvoert, nog wel het meest.

De tekst drijft alle bekende werkmansclichés tot in het absurde door. De schoenlapper werkt van zonsopgang tot maansondergang. Zijn arbeidsethos is zo torenhoog dat het aan zelfdestructie grenst. Voor de schoenlapper zijn alle mensen gelijk. De schoen is een wereld op zichzelf...

We zingen het melodieuze liedje a cappella, met de tenor als solist.

The cobbler's song

I sit and cobble at slippers and shoon
From the rise of sun to the set of moon,
Cobble and cobble as best I may,
Cobble all night and cobble all day,
And I sing as I cobble this doleful lay.

The stouter I cobble the less I earn,
For the soles ne’er crack nor the uppers turn,
The better my work the less my pay,
But work can only be done one way.

And as I cobble with needle and thread,
I judge the world by the way they tread:
Heels worn thick and soles worn thin,
Toes turned out and toes turned in,
There’s food for thought in a sandal skin.

For prince and commoner, poor and rich,
Stand in need of the cobbler’s stitch,
Why then worry what lies before?
Hangs this life by a thread, no more.

I sit and cobble at slippers and shoon
From the rise of sun to the set of moon,
Cobble and cobble as best I may,
Cobble all night and cobble all day,
And I sing as I cobble this doleful lay.